donderdag 4 april 2013

De Bijeenkomst

Mijn ouders waren ten tijde van mijn schoolperiode in de Lagere School - later Basisschool genaamd - trouwe bezoekers van het zogenaamde tien-minutengesprekjes. Op die manier bleven ze op de hoogte van de vorderingen van de kinderen. En dus leek het voor hun niet meer dan vanzelfsprekend om gehoor te geven aan de uitnodiging die ik na een paar maanden op het Lyceum voor ze meebracht. De school had een speciale achtergrond; was een tiental jaren ervoor door een club ouders opgericht die beter onderwijs voor hun kinderen wensten. De school werd daarom bestuurd door het dagelijks bestuur van de vereniging van ouders.



De uitnodiging was dus een invitatie voor een jaarvergadering van deze vereniging. De uitnodiging was tamelijk kort, met een stippellijn waar de ouders het onderste deel konden afknippen.
"Ouder(s) van ....., klas ..., wensen deel te nemen. Aantal deelnemers: .. Aanvang 20:00 uur."
Een agenda van de vergadering was niet bijgevoegd, vreemd genoeg hing deze wel op een aantal plaatsen in de school. En dus wilde ik het uitleggen: "Dit is niet het normale gesprek. Weten jullie wel zeker dat jullie erheen willen?"
"Ga jij bepalen waar wij heen gaan?" vroeg mijn vader geïrriteerd. "Houd je erbuiten snotneus!"



Ik vond het wel best na deze aanvaring, zweeg er verder over.
Op de betreffende avond gingen ze op pad, op de bromfiets. Dat was al heel wat voor hen in die tijd. Met zes kinderen en één loon was het vrijwel onmogelijk om meer te financieren rond 1960. Gelukkig was het mooi weer, terwijl mijn moeder enthousiast naar ons zwaaide verdwenen ze uit het zicht. Mijn oudste zus was onze oppas voor zover nodig. De jongere zussen waren al op bed en zij en ik hadden ons huiswerk te doen.



Behalve het geluid van schrijvende pennen was het behoorlijk stil in huis. Wij verwachtten deze rust nog wel een paar uur te hebben en schoten allebei heerlijk op. Maar de paar uur viel behoorlijk tegen.
Iets over negenen hoorden we het bekende geluid van de brommer alweer naast het huis. De brommer werd in de schuur gezet en we konden ze daar al horen mopperen. Ze kwamen beide hoofdschuddend binnen.
"Wat een poeha, al die dikke auto's en dan wij ertussen met onze simpele brommer. En wat een stom geouwehoer! We keken elkaar aan toen de pauze startte en dachten precies hetzelfde: WEGWEZEN HIER! Dat nooit meer!"



Ze keken me aan alsof ik schuldig was aan het ondergaan van de kwellingen. Ik had de neiging om wat te zeggen, maar keek eerst eens naar mijn zus. Ze hoefde alleen maar een beetje met haar ogen te knipperen en ik begreep haar al. Dus ik zweeg en heb er verder nooit meer iets over gezegd.
De uitnodigingen voor vergaderingen en voor rapport-besprekingen bleef ik trouw aan ze geven. En ze werden meteen na ontvangst door mijn vader versnipperd en in de prullenbak gegooid.
Er was wel eens een leraar die mij verwonderd vroeg: "We zien je ouders nooit hier. Waarom?"
Ik antwoordde dat ik het niet wist en mompelde iets over mijn vaders dienstroosters. En vond het ook wel prima, ik werd op die manier heerlijk met rust gelaten.
==============================================================

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen