donderdag 7 maart 2013

Ik kan het niet

In de bijna veertig jaar dat ik bij de Belastingdienst werkte, heb ik verschillende malen meegemaakt dat het bestrijden van het niet-inleveren van belastingaangiften prioriteit kreeg. Na verloop van een aantal maanden zag je dan weer de aandacht voor dit fenomeen verflauwen en pas na een aantal jaren weer op de agenda terug keren. En dan was het weer extra bellen, schrijven en zelfs huisbezoek afleveren geblazen. De groep die op huisbezoek ging varieerde keer op keer. Het hing een beetje van de project-aanjagers af wie er deelnamen.


Het laatste jaar dat ik erbij betrokken was, is alweer wat jaren geleden. Maar ik zie het nog voor me. De huisbezoeken werden per brief aangekondigd en alleen als de belastingplichtigen afbelden, gingen we niet op pad. Maar zoals te voorspellen is: veelal stond je voor een gesloten deur of had degene die open deed, geen flauw idee wie de persoon was die je wilde spreken. Maar soms had je wel beet. Zoals de keer dat ik op bezoek ging achter het winkelcentrum Emiclaer in Amersfoort. Het ging om een goed lopend loodgieters-bedrijf. Het beeld dat het meestal gaat om a-sociale types is niet bepaald juist!



De deur van de nieuwbouwwoning werd opengedaan door een jonge, onberispelijk geklede mevrouw. Ik identificeerde mij en informeerde naar de man die op mijn lijstje stond. Ja, haar man was thuis en ze ging hem roepen. Ook de man was netjes en modern gekleed en hij keek schichtig om zich heen toen hij aan de deur kwam. Hij had liever dat ik even binnen kwam. Wat ik te zien kreeg van het huis, was werkelijk mooi. De gang en de woonkamer hadden iets weg van een toonkamer. Ik werd op de tweezitsbank naast de man geposteerd en hij vroeg zijn vrouw om koffie te zetten. In de hoek van de kamer zag ik een klein kindje met plastic blokken spelen.



De man keek me wat zenuwachtig aan en vroeg naar het doel van mijn komst.
Ik heb het idee dat u wel weet waarvoor ik kom, antwoordde ik.
Hij knikte en keek omlaag. Zijn vrouw was inmiddels weer terug, pakte een stoel en kwam erbij zitten.
Wat is er aan de hand?, vroeg ze.
Vertelt u het, of zal ik doen?, vroeg ik.
Omdat de man verder zweeg, stak ik maar van wal. Vertelde dat er al jaren geen aangiften werden gedaan en dat zijn onderneming gevaar liep. Vanwege hoge belastingaanslagen lag een faillissement op de loer. En dat was dus zonde, ik had het idee dat de aanslagen een stuk lager konden als wij de benodigde gegevens zouden krijgen. Hij zou in aanmerking komen voor allemaal fiscale voordelen, investeringsaftrek, zelfstandigenaftrek en ga zo maar door.



Dus daarom moeten wij zoveel betalen!, riep ze uit. Het is dus helemaal niet de vreselijke belastingdienst die dit doet! Hoe kan dit nou gebeuren, Henk?
Henk stond op, opende een kastdeur en haalde een grote stapel blauwe enveloppen tevoorschijn. Alle ongeopend. Ik kan het niet, zei hij. Ik kan er gewoon niet tegen.
Ik raadde aan om hulp te zoeken. Er zou vast wel een boekhouder of account in de familie zitten of in de kennissenkring.
Ik schaam me er zo voor, zei de man.
Ik stelde dat hij zich daar echt overheen moest zetten. En hij was niet de enige in het land.
Je kan het toch aan Joop vragen, opperde zij.



Ik wilde weer verder, had nog een paar adressen te gaan. En dus pakte ik mijn notitieblok uit mijn tas, zei hem dat ik binnen twee weken de eerste aangiften wilde zien en noteerde dit.
Als ik een paar biljetten binnen heb, stel ik een tijdschema met u vast. Maar eerst moet u een begin maken.
Het echtpaar knikte, het zou allemaal in orde komen. De vrouw bedankte me voor het bezoek en het waarschuwen. Ik schudde hun handen en vertrok.



Twee weken later was er nog niets binnen van de stukken die onze brave Henk had beloofd en dus klom ik in de telefoon. Ik kreeg de voicemail en sprak een waarschuwing in. Nog een week en als ik dan nog niets had, zou ik zijn dossier als afgedaan beschouwen.
Ook na een week had ik niets en de week erop ook niet.
Wel kon ik in het persoonsregister zien dat de mevrouw en het kindje waren vertrokken. Het paar gold nu als duurzaam gescheiden levend.
Een maand later ging er een deurwaarder langs om te plakken, er werd een datum voor de verkoop van de spulletjes vastgesteld.
Nog een maand later zag ik een lijst met faillissementen: het loodgieters-bedrijf stond bijna bovenaan.
===============================================

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen